Geschiedenis

De boerderij is op 1 mei 1972 opgericht in Hoevelaken als kleinschalig melkveebedrijf, met 220 fokzeugen. Evert-Jan, de vader van Aalt en John, was toen samen met zijn vrouw eigenaar van de boerderij. Door de toenemende vraag naar zeugen en de slechtere melkprijs zijn er steeds meer zeugen en vleesvarkens gekomen en steeds minder koeien. Zo waren er wel 220 zeugen en 760 vleesvarkens. Na twee jaar kwamen er toch weer meer koeien, dit omdat de vraag naar zeugen minder werd en de schuur voor de vleesvarkens gehuurd werd. Door de verminderde vraag was dit niet langer rendabel. Na het stoppen met de zeugen werd de hoofdtak van de boerderij de melkkoeien. Dit had wel het gevolg dat er voldaan moest worden aan het quotum. Alle melk die meer dan het quotum geproduceerd werd kostte geld. Door het aanschaffen van startkalveren, kon de melk benut worden als voer en was er zelfs quotum over. Dit werd verhuurd en zo is het een lange tijd gebleven. Toen de vraag naar starters minder werd zijn witvleeskalveren in de plaats gekomen. De oude zeugenschuur werd toen opnieuw gebruikt als kalverenstal.

Na locatie Hoevelaken is de boerderij 6 jaar voortgezet in Hooglanderveen, nu met 5 hectaren eigen grond. Door het behouden van de schuren in Hoevelaken konden er nog meer vleeskalveren gehouden worden, maar verder waren er ook melkkoeien en 144 vleesvarkens. Deze vleesvarkens waren op contract waardoor de afname constant was.

In 2000 is de boerderij voortgezet in Dronten, waar Aalt en John samen de boederij overnamen. Hier is het eigen land veel vergroot ten opzichte van het land in Hooglanderveen en bedraagt het 24 hectare. De stal is door het bouwbedrijf van John geplaatst. De boerderij staat nog steeds in Dronten en de hoeveelheid eigen land is zeker niet afgenomen. Naast de 24 hectaren eigen grond is er 3 hectaren in pacht. Op de boerderij lopen op dit moment 70 melkkoeien, die goed zijn voor zo’n 400.000 liter melk per jaar. Daarnaast zijn er zo’n 50 stuks jongvee. Het ras wat als fokdoel dient is het Verbeterd Roodbont, maar er is hier en daar ook Fleckvieh ingekruist, waardoor de koeien een hogere melkproductie hebben, ook als dikbil of meer bevleesde koe. Op het bedrijf staan ook stieren, deze worden gebruikt voor ofwel de fokkerij ofwel de mesterij. Stieren uit eigen opfok worden niet alleen doorverkocht om als vleeskalf te dienen, waar mogelijk worden stiertjes verkocht als fokstier. De geproduceerde melk wordt opgehaald door Nemelco, een onderdeel van Vreugdenhil. De afgemolken koeien gaan naar de grossierderij, waarna de onderdelen naar de horeca gaan. Op de boerderij worden sinds 2012 vleeskoeien gehouden van met name het ras Belgisch Witblauw. Deze koeien worden mager aangekocht en worden in een periode van ongeveer 100 tot 140 dagen afgemest. Na deze periode brengen wij de dieren vaak zelf naar een ambachtelijke slagerij of grossierderij. Naast de locatie op de Wisentweg is er een locatie aan de Stobbenweg waar Evert-Jan voor het jongvee zorgt en waar de droogstaande koeien blijven tot ze moeten afkalven.